donderdag 5 december 2013

Marine Gewoonten en Gebruiken 88-89

Marine gewoonten en gebruiken
Hoofdstuk XI.
In het journaal betreffende de eerste schipvaart der Hollanders naar Oost-Indie in 1595, wordt op den 1 sten Juni (vier maanden na de uitreis van Texels ree) gemeld : „stierf Frans, genaempt Cleyne Swagher ende wert buyten boort gheset. God zy die zyele ghenadich".
Een maand later stierf de tweede maat, doch nu aan scheurbuik; weer een maand later was het getal dooden tot elf gestegen; drie dagen later werden de Noorman Stoerbarendt en de Fries Gerrit de Manche Adel „nae elkaer ter poorte uitgestooten en te water geworpen, alsof sij honden waeren".
Op 8 Augustus stierf de provoost Brantje Jelle en werd per sloepgelegenheid aan den wal begraven, maar voor Jacob van Gotland, overleden toen Brantje's stoffelijk overschot weggeroeid werd, was geen sloepgelegenheid beschikbaar en hij „sjeesde dus over boort".
Op 13 Augustus overleed Arjien Jacobsz. van Wieringen, op 14 Augustus werd de trompetter Laurens Pruys overboord geworpen. Nog geen week later werd Barendt Bauer „in zijn scheepskist gelegd" en overboord gezet.
Zes maanden na de uitreis had de „Mauritius" reeds vijftien dooden, de „Hollandia- een-en-twintig en de Pinas een. Er werd met de aldus „crepeerende- schepelingen weinig omslag gemaakt. De eerste doode kreeg nog een behoorlijk uitgeleide met : „Gode zy die zyele ghenadich".
Tusschen 2 en 21 September stierven een-en-dertig man ! Koud en nuchter vermeld in het journaal. Op 8 October vermeldt het journaal, dat de konstabel Cornelis Falsser gestorven is. Toen men hem 's ochtends in zijn kombaars kwam naaien, hadden de ratten zijn eene oog en zijn halve mond weggevreten en enkele vingers van beide handen stukgebeten.
Op denzelfden dag werd hij gevolgd door Zymes Jansz. en den volgenden dag werd de waarnemend onderstuurman Jan Abrahamsen over boord gesjeesd .... God zij die ziel en alle zielen genadig... .
Op deze eerste reis van de Hollanders naar Oost-Indië met 229 man, verdeeld over vier scheepjes, werden twee man „als schelm aan den wal gezet", twee man deserteerden, twaalf man sneuvelden, een verdronk en 142 „crepeerden", die, met uitzondering van een klein getal, dat aan den wal begraven kon worden, een eerlijk zeemansgraf kregen en buitenboord gesjeesd werden.
marine13

blz 88 - 89. wordt vervolgd..

Geen opmerkingen :