maandag 12 maart 2012

Matroos Vandersteng 008

MarineTermen-08
Den eersten Zondag na zijn thuisreis, gaf Vandersteng mij het verslag, dat ik hierboven heb laten afdrukken. Een simpel verslag zonder emotioneele gebeurtenissen, waarin echter een groot aantal marinetermen voorkomen.
Met Vandersteng had ik dan ook afgesproken, dat we moesten probeeren de thans nog in gebruik zijnde marinetermen te verzamelen en in een boekje vast te leggen. Wie de uitdrukkingen in het reisverslag van Vandersteng vertalen wil, kan dus zijn hart ophalen.
Misschien zullen er zijn, die teleurgesteld de opgaaf van marinetermen doorbladeren, omdat ze er geen onzinnig brabbeltaaltje in tegen komen. Maar wat wil men dan ? De marineman is een doodgewoon Nederlander. Er zijn Groningers bij de marine en Friezen, Limburgers en Brabanders, Hollanders en Zeeuwen. Men ontmoet er Amsterdammers en Hagenaars, Rotterdammers, Arnhemmers en lieden uit Het Sticht... kortom Nederlanders.
De taal, die aan boord gesproken wordt, is echter veel minder dialectisch dan sommige schrijvers ons willen wijs maken. Als een Hagenaar, Leienaar, Rotterdammer of Amsterdammer — vooral deze laatste — halsstarrig in zijn plaatselijk dialect blijft spreken, dan wordt hij bij de marine niet bij zijn naam genoemd, doch naar zijn plaatsnaam aangesproken, bespot of... uitgescholden.
Een dwaas taaltje, dat men zoo graag als „matrozentaal" in boeken en verhaaltjes gebruikt, spreekt men bij de marine niet en men spreekt er niet onbeschaafder, men struikelt over vreemde woorden niet harder en men verminkt er onze schoone moedertaal niet erger, dan in „doorsnee" Nederland.
Zooals met onze taal in 't algemeen het geval is, veranderen en verouderen ook tal van marine-uitdrukkingen en komen er nieuwe bij. Niet opgenomen zijn spreekwoorden en zegswijzen, die in woordenboeken nog te vinden zijn en soms in het algemeen spraakgebruik voorkomen; b.v : Hij zit aan den grond : verkeert in moeilijke omstandigheden. In zee gaan : een taak, een werk beginnen. Aftakelen : achteruitgaan enz. enz.
Deze en soortgelijke uitdrukkingen zijn weliswaar aan het zeewezen ontleend (de grens tusschen: aan het zeewezen ontleend en marineterm is niet altijd even duidelijk te trekken), doch ze zijn bovendien zoozeer gemeengoed geworden in onze taal, dat men moeilijk van marinetermen of zeemansuitdrukkingen kan blijven spreken. Alleen als sommige woorden, uitdrukkingen, zegswijzen e.d. nog aan boord gebruikt worden als een deel van het werk, dat men te verrichten heeft, zijn deze in dit boekje opgenomen.
wordt vervolgd..

Geen opmerkingen :