donderdag 4 mei 2017

Eindeloze Nacht van Jan Douwes 23

Met succes, want ik zie enkele vijandelijke schepen in brand staan. Wij varen met grote snelheid langs een schip dat op z'n kant ligt, en zien hoe de bemanning op de zijkant van het schip klautert om het vege lijf te redden. Wij juichen, want dit is volgens ons de eerste Jap, die in een gevecht met ons het onderspit delft. Weer een minder ! Helaas is het een voorbarige conclusie, want het blijkt een jager van ons te zijn. Het is Hr. Ms. 'Kortenaer', die door een torpedo is getroffen. Terwijl we er langs varen breekt het schip in tweeën en zinkt binnen enkele minuten.

Aan bakboord zien we bellenbanen, die afkomstig zijn van de torpedo's van Japanse onderzeeërs en jagers. Torpedo's laten tijdens de vaart naar het doel zo'n bellenspoor achter. Door in dat spoor mee of er juist tegenin te varen zijn de kansen dat je wordt geraakt minder. De 'Java' verandert voortdurend van koers om de projektielen te ontwijken. De jager 'Electra' slaagt daar niet in en zinkt na een vijandelijke voltreffer.

Er wordt met tussenpozen uren achter elkaar geschoten en door het voortdurend laden en vuren heb ik geen tijd om me te verdiepen in het onvoorstelbare gevaar waarin we ons bevinden. Niet iedereen blijft koelbloedig onder deze druk. Ik zie een majoor van de mariners robbend door de afwateringsgoten kruipen. Die goten zijn ongeveer 35 cm breed en 8 cm diep. Daar komt overkomend zeewater of dekspoelwater in terecht dat op diverse plekken via een afvoer weer buitenboord wordt geloosd. Er zijn die dag tientallen mokken koffie in gegooid. Ik kan me nauwelijks voorstellen dat deze ondiepe goot ook maar enige dekking geeft tegen de rondgierende granaten, maar de majoor blijft zich er maar op zijn buik doorheen slepen. Zijn uniform is besmeurd door alle troep. De extreme spanning is hem blijkbaar te veel geworden.

Het is rond vijf uur als de Japanners een tegenaanval met torpedojagers inzetten, en wij krijgen de opdracht om die samen met de 'Perth' af te slaan. Dat lukt, want twee vijandelijke schepen gaan naar de kelder, en de rest verdwijnt achter een haastig gelegd nevelscherm. Om ons heen zien we weer talrijke bellenbanen, waar we ons nog steeds met succes een weg doorheen kunnen blijven manoeuvreren. Daardoor komen we op 1500 meter afstand van de Japanse vloot uit en openen direkt weer het vuur. Een Japanse kruiser wordt in brand geschoten en verdwijnt achter een nevelscherm. Nog een kruiser krijgt een voltreffer en verdwijnt in de diepte.

Om half zes incasseert de kruiser 'Exeter' een treffer in de hoofdstoomleiding. De 'Java' en de 'Witte de With' nevelen het gehavende schip in en het draait af uit de linieformatie. De schepen die daar achter varen hebben dit niet in de gaten en blijven de 'Exeter' volgen. Op het vooraan varende vlaggeschip 'De Ruyter' bemerkt commandant Doorman deze vergissing en seint naar de afzwaaiende schepen : 'All ships follow me', wat door de slechte communicatie wordt opgevat als `Ik val aan, votg mij', een strijdkreet die altijd aan zijn naam verbonden zal blijven. Doorman besluit nu het gevecht tijdelijk af te breken en gaat op een andere koers liggen.

Ook de Japanse bevelhebber staakt het vuren. De zwaar beschadigde 'Exeter' wordt voor reparatie teruggestuurd naar Soerabaja, geescorteerd door de 'Witte de With'. De restanten van het geallieerde eskader stomen op om op de basis olie en munitie te gaan laden, maar bij het lichtschip `Westervaarwater' krijgt de vloot weer orders om de vijand op te zoeken en het gevecht te hervatten. Doorman heeft bij gebrek aan verkenningsvliegtuigen geen idee waar de vijandelijke vloot zich bevindt en begint om zeven uur 's avonds aan een zoekslag om de Noord. Als dit zonder succes blijft wordt om half acht aan een zoekslag om de Zuid begonnen. Als ook dat niets oplevert, wordt om negen uur westelijk gevaren, nadat Doorman eerst vier Amerikaanse torpedojagers naar Soerabaja heeft gestuurd om brandstof en torpedo's te laden. Kort daarna verliezen we ook de 'Jupiter', getroffen door een torpedo of op een eigen mijn gelopen. Het is tien uur als onze vloot op drenkelingen van de gezonken 'Kortenaer' stuit. Doorman geeft de 'Encounter' opdracht de overlevenden uit het water op te pikken en met de mannen terug te varen naar Soerabaja.
Wordt voortgezet

Geen opmerkingen :