zaterdag 2 november 2013

Marine Gewoonten en Gebruiken 36-37

Marine gewoonten en gebruiken
Doch in voorgaande jaren, en in het bijzonder in 1936, hadden de schepen, vaartuigen, onderzeebooten en vliegtuigen van onze marine zich in de haven Tandjong Priok verzameld. Hr. Ms. kruiser „Sumatra" was toen vlaggeschip van het eskader, achter haar lagen in linie de „Soemba" en acht onderzeebooten; terzijde, eveneens in linie, vier torpedobootjagers, terwijl een „opnemer" en een gouvernementsvaartuig als „valreepsgasten" fungeerden nabij den steiger, vanwaar de Commandant Zeemacht met zijn opvolger in de groote admiraalssloep naar het vlaggeschip van het eskader stoomden, om aan boord het commando van de zeemacht in Oost-Indie over te dragen.
Bij het passeeren van de admiraalssloep, met 'de beide vlagofficieren aan boord, maakten de opvarenden front, kop na kop op de dekken van alle schepen en lieten de verkenningsvliegtuigen van het eskader en de Dornier-Wal-vliegbooten van den M.L.D. hun denderend geronk als een begroeting hooren, nog voor de saluutbatterij van het vlaggeschip aan het woord kon komen.
In het commandement der marine te Willemsoord (hier is de marinecommandant tevens commandant van de stelling Den Helder) heeft men getracht de traditie te handhaven, doch feitelijk beschikt men in Nederland niet over een vlaggeschip of eskader-vlaggeschip, zoodat daarvoor het wachtschip, liggende in de haven het Nieuwediep, wordt aangewezen, van hetwelk de vlag van den vlootvoogd aan den top wappert. Meermalen echter had de commando-overdracht plaats in de groote zaal van het Directiegebouw aan de Buitenhaven.
Voor zoover men de traditie van overdracht aan boord heeft weten te handhaven, gebeurde dit zoowel in Oost-Indie als in Nederland met de volgende ceremonial. Op den dag, waarop de overdracht van het commando is vastgesteld, verzamelen zich aan boord van het vlaggeschip de deputaties van alle schepen en inrichtingen der zeemacht aan het opperdek, en is ook de bemanning van het schip zelve in Zondagsch tenue daar aangetreden. De stafmuziek en de gewapende wacht staan op het halfdek.
Wie zich de ruimte herinnert van b.v. het oude wachtschip de „Adolf van Nassau", waar men, als 't moest, aan dek zou kunnen defileeren ( wat onder Koning Willem II ook inderdaad gebeurde o.a, op de „Wassenaer"), voelt wel erg hoe bekrompen het is en hoe opeengepakt men staat op het door koekoeken en trapafgangen gebroken dek van de „Koningin Emma der Nederlanden", het laatste wachtschip voor den Mei-oorlog 1940. Er gaat daar, door gebrek aan ruimte helaas, veel van het ceremonieel verloren. De officieren en schepelingen vullen het bovendek geheel. Er is nauwelijks ruimte om te passeeren, en van een „opent de gelederen" voor de straks te houden inspectie is nauwelijks sprake meer.
Op het uur, waarop de overdracht zal plaats hebben, staat dus alles in gereedheid aan dek. Er zijn enkele van die stille voorbereidende maatregelen genomen, waarvan alleen de nauwlettende toeschouwer iets bemerkt. 1k bedoel niet die maatregelen, welke aan elke inspectie en aan elke overdracht van een commando voorafgaan. Neen, want hier geldt het den commandant der marine, een vlagoficier, die nooit aan boord komt van het schip waarvan zijn vlag waait, doch die zetelt in het commandementsgebouw — het „Paleis" zooals men grootscheeps in Nieuwediep nog zegt — er vlak tegenover. Men heeft allereerst de vlag van den opvolger reeds aangeslagen.
Meestal is de aftredende commandant der marine een viceadmiraal en zijn opvolger in die functie een schout-bij-nacht. Reeds daarom moeten de vlaggen verwisseld worden. Maar ook al zouden beide functionarissen gelijk in rang zijn, dan nog worden de vlaggen gewisseld, omdat het traditie is dat den aftredenden vlootvoogd de vlag wordt aangeboden zijn vlag — die tot den dag van aftreden van den grooten top wapperde.
Gewoonlijk is het weliswaar een geheel nieuwe zijden vlag, die als geschenk van de gezamenlijke officieren namens den oudst-aanwezend officier of commandant van het wachtschip wordt aangeboden, doch zulks doet geen afbreuk aan de traditie; integendeel, het symboliseert de verstandhouding van de ondergeschikten tot den hoogsten chef in het marinecommandement. Dit geldt niet alleen voor Willemsoord, (en vroeger ook voor Hellevoetsluis), doch was en is ook in Oost-Indië het geval.
blz 36 - 37. wordt vervolgd..

Geen opmerkingen :