vrijdag 26 april 2013

Schetsen en Humor 013

hoofdstuk 1- Marineschetsen na den 4en Engelschen oorlog en voor den Franschen tijd.
Er is veel in deze schetsen van De Jong, aan boord van de „Prins Willem" in 1874, dat we thans nog aan boord van onze schepen teruqvinden. Ik heb bij ,Marine gewoonten en gebruiken" trouwens reeds vergelijkingen tusschen vroeger en nu gemaakt. Ik vond bij De Jong zelfs een typisch gebruik vermeld, dat me aan onze schepen van de visscheij-politie ,,Nautilus", ,,Jan van Brakel" en van ouds de ,,Zeehond" of de ,,Dolfijn" denken deed, n.l. dat de commandant van de op de Noordzee visschende visscherlui een ,,braadje" kreeg ,,zooveel, dat het redelijk genoeg was, om zelfs de matrozen er zich op te doen vergasten."
In onzen tijd — ik kom daarop straks nog uitvoeriger terug - verlangt men meestal, dat marineschetsen doorspekt zijn met humor. Marinehumor natuurlijk ! Ook dit kan men vinden in de schetsen van De Jong, waar hij een beschrijving geeft van de spiegelgevechten, die in onzen tijd „marine-manoeuvres" genoemd worden. „Van tijd tot tijd," zoo schrijft hij ,,hadden wij ook schip tegen schip, spiegelgevechten, en deden elkanderen, even alsof men vijand was, alle mogelijke afbreuk, trachtende door de kundigste manoeuvres de voordeeligste standplaatsen te verkrijgen; en daar nu in het gevecht met ons schip en met het fregat ,,Medea", onder bevel van den kundigen Kapitein Vaillant, wel het meeste gemanoeuvreerd is, zal ik U dit, liever dan van een der andere, verhalen, en zulks te meer, omdat het altoos aangenaam is, ook van zijn eigen bevelhebber met lof te mogen spreken.
Vroeg in den morgenstond deed de schout bij nacht sein, voor ons en de ,,Medea", om het volk vroeger dan naar gewoonte te doen schaften en daarna om zich tot het gevecht gereed te maken. Aan beide orders werd voldaan. Men verschanste zich, men sloeg alarm, men maakte alles gereed, en, slagvaardig zijnde, werd zulks door ons met het gewone sein van gereed te zijn, te kennen gegeven, hetwelk ook te gelijker tijd van de „Medea" geheschen werd. Hierop deed de schout bij nacht het sein engageren, en zoodra dit gezien werd, hielden wij dadelijk na de ,,Medea" toe, die voor uit zijnde, ons, met het kruiszeil tegengebrast liggende, afwachtte.
Wij knepen den loef, dat is, wij wonnen den wind, en het fregat braste vol, toen wij naderden. Onder het bereik zijnde, gaven wij van wederzijden vuur, en losten twee lagen, dwars van elkander, waar na de ,,Medea" zich latende achter uit zakken, door bij den wind te wenden, ons achterschip trachtte bloot te krijgen, hetgeen wij, door een juist afgepaste afhouding beletteden, en daardoor gelegenheid bekwamen om aan haar de laag achter in te geven.
Tot vier malen toe, wendde de ,,Medea" om aan haar standplaats meer voordeel te geven, en telkens werd zulks, door langzame afhoudingen aan onze zijde, niet alleen belet, maar het deed haar zelfs verscheidene schoten achter in krijgen, welker kogels, ingevalle van ernst, langs het geheele schip loopende, altoos voor de gevaarlijkste worden gehouden en veelal een aantal menschen doen verliezen.
Eens evenwel, toen ons schip niet spoedig genoeg vallen wilde, kregen wij door een nadeelige stand, ook op onze beurt, tien of twaalf schoten achter in. Dus draaiden en zeilden wij, al vechtende, rondom elkander, en waren dan over de eene, en dan over de andere zijde geëngageerd, terwijl de musketterij en granaten, door den korten afstand gestadig in werking waren, voornamelijk, wanneer wij in de laatste wending elkander zeer nabij waren gekomen. De exercitie duurde vijf en veertig minuten en in dien korten tusschentijd hadden wij 414 kanonschoten gedaan, doch tevens waren wij den wind of de loef door de gedurige afhoudingen kwijt geraakt.
De beide Kapiteinen Van Gennep en Vaillant, lagen in dit spiegelgevecht veel eer in, en de schout bij nacht toonde aan beiden zijn genoegen. Dan al wederom was het zelve niet zonder ongelukken afgeloopen; de bootsman raakte door het springen van eene kruithoorn zwaar gekwetst aan het aangezigt en hals, en de matrozen Frans Gins en Doris Storm, raakten door het ontijdig afgaan der stukken, de eene over boord, en de andere den regterarm kwijt, waar aan hij korte dagen daar na overleed.
Weinige dagen later zagen wij een spiegelgevecht van eenen anderen aard. Het was de beurt van het schip ,Alkmaar", met het fregat de ,,Pallas", en na dat wederom het volk vroeg geschaft had en het sein tot engageren gedaan was, zag men de ,,Pallas", zoodra ,,Alkmaar" naar haar toehield, eensklaps alle zeilen bij halen en met den meest mogelijken spoed, in de koersstreek der vloot, de vlugt nemen. ,,Alkmaar", ofschoon door deze wonderlijke handelwijze bevreemd, was evenwel verpligt haar na te volgen, ook insgelijks alles bij te zetten en jagt te maken, en daar wij met de andere schepen bijgedraaid lagen, om hare manoeuvres te zien, waren zij ons al spoedig buiten het gezigt geloopen.
Wordt vervolgd

Geen opmerkingen :